Programma

Het programma “Inbraakvrije Wijk” als innovatieplatform

0
Guido Delver Programmamanager Inbraakvrije Wijk

Fieldlabs, living labs, proeftuinen, stadslaboratoria en andere experimentele omgevingen in de “echte” wereld zijn een fascinerend fenomeen. Begrippen die nog wel eens verschillend worden uitgelegd. Ik werd vorig jaar benaderd om het programma “Inbraakvrije Wijk” in gang te zetten. Vanaf een lege tafel. Een programma met fieldlabs op meerdere locaties in meerdere steden. Als het even kan omvattend als een samenhangend geheel. Hoe ontwikkel je nu zo’n programma? Hoe houd je de scope ervan onder controle en bereik je resultaten in een zeer dynamische omgeving met een experimenteel karakter? Dan moeten er ook nog eens bruikbare innovaties van “de band rollen”. Kortom de verbinding leggen tussen een zeer dynamische en creatieve omgeving en een zeer praktische. Eentje die vraagt: “wanneer kan ik het gebruiken” of “waar kan ik het kopen” en “wat levert het me/ons op”. Ik vraag me af hoeveel van dit soort experimentele omgevingen ook daadwerkelijk wat opleveren en dat de resultaten beklijven. Is het meetbaar? De gemeentes zullen het moeten weten. Waar dit programma zich op richt is de veiligheid (en het veiligheidsgevoel) van bewoners in woonomgevingen, te beginnen bij het thema woninginbraak. Dat laatste vind ik wel lekker tastbaar en daar heb ik ook een beleving bij.

Zelf vind ik het starten vanaf een (praktisch) lege tafel een van de mooiste vertrekpunten. Een maximale werkruimte met weinig spelregels, structurele onzekerheid en veel belanghebbenden. Anderen zullen er wellicht van gruwelen. Het is alsof je als chauffeur (programmamanager), in een bus rijdt met allerlei in en uitstappende passagiers die niet allemaal precies weten waar ze naar toe willen. Het zicht is beperkt. Een paar hebben een duidelijke mening en/of bestemming en de anderen zitten achter in de bus en “rijden mee”. Niemand wijst dezelfde kant op en de haltes staan niet vast. Waar de tankstations zijn is niet te overzien, evenmin als de conditie van de weg of de weersomstandigheden. Tot zover de analogie. Er is veel over geschreven wat al aangeeft dat fieldlabs, living labs, proeftuinen en stadslaboratoria de aandacht hebben en dat er met de werking ervan stevig gestoeid wordt. Evenals met de uitkomsten.

Ik denk dat we met het programma “Inbraakvrije Wijk” een mooie start hebben gemaakt. De bus (om maar even in de analogie te blijven) heeft vaart gemaakt en behoorlijk wat interessante en uiteenlopende passagiers zijn opgestapt. De weg is goed, de haltes worden zichtbaar. De eerste tankstations zijn in beeld, het zicht klaart op. In het programma is gekozen voor een structuur die experimenteren goed mogelijk maakt en ruimte biedt voor gemeentes om delen van hun eigen veiligheidsagenda’s te kunnen invullen. Tenslotte zijn de gemeentes de belanghebbenden die het stuk publieke ruimte ter beschikking stellen. De plattegrond van het programma kenmerkt zicht door ontwikkelruimte in de woonomgeving voor sensing, smart city, bewaking en opvolging, onderzoek en communicatie. Zowel de publieke als de private ruimte spelen mee. De multiple helix (bewoners, overheid, universiteiten en bedrijfsleven) is goed aanwezig. Inmiddels zijn meerdere fieldlabs gestart en is een veelvoud van projecten gaande. Een mooi begin.

More in Programma

Comments

Comments are closed.